Voormalige uitspraken van de week
woensdag 23 dec. 2009 • Category: Beroemde uitsprakenMisschien bewijst de filosofie het meest nadrukkelijk en aanhoudend hoezeer de mens telkens opnieuw moet beginnen. Filosoferen wil uiteindelijk niets anders zeggen dan beginneling zijn.
Martin Heidegger (1889-1976)
De winnaar van elke concurrentiestrijd tussen ondernemingen is het bedrijf waarvan het morele doel het beste past bij de overheersende omstandigheden en bezittingen.
Michel Eyquem de Montaigne (1533-1592)
Er is een even groot verschil tussen ons en onszelf als tussen ons en anderen.
Michel Eyquem de Montaigne (1533-1592)
En niets is dwazer dan zich tot filosoof te willen ontwikkelen door het bestuderen van de geschiedenis van de filosofie.
Leonard Nelson
Mensen sterven omdat ze, anders dan de sterren in hun baan, het begin niet met het einde kunnen verbinden.
Alcmaeon van Croton
Wie alle problemen wil oplossen en alle vragen wil beantwoorden, geeft blijk van onbeschaamde grootspraak en en van zoveel eigendunk, dat hij meteen ieder vertrouwen moet verliezen.
Immanuel Kant (1724-1804)
Kritiek van de zuivere rede
Een schuld (…) is een overeenkomst die uiteindelijk is af te dwingen door de dreiging van geweld. Het probleem is dat we dergelijke gewelddaden als gevolg van een echt perverse historische alchemie zijn gaan zien als de ultieme essentie van moraliteit.
Elke politieke overtuiging en elk politiek meningsverschil is in de kern een filosofische kwestie.
Het probleem van het begin is in de filosofie terecht altijd als een hachelijke kwestie beschouwd. Want beginnen betekent alle vooronderstellingen uit de weg ruimen.

Gilles Deleuze (1925-1995),
Verschil en herhaling, Boom 2011
Vertaling Joost Beerten en Walter van der Star

Rijpheid van de man: hij heeft de ernst teruggevonden die hij als kind bij het spelen had.
Friedrich Nietzsche (1844-1900)
Wees niet deugdzamer dan uw krachten toelaten.
Friedrich Nietzsche (1844-1900)

Een van de belangrijkste vaardigheden van de filosoof is zich niet bezig te houden met vragen die hem niet aangaan.
Ludwig Wittgenstein (1889-1951)
Als een leeuw kon spreken, zouden wij hem niet kunnen verstaan.
Ludwig Wittgenstein (1889-1951)
De mens in het algemeen laat zich makkelijker doorgronden dan een mens in het bijzonder.
François de la Rochefoucauld (1613-1680)
Er zijn weinig dingen waar mensen zich zo toegewijd mee bezig houden als met ongelukkig zijn.
Alain de Botton (1969)
Om alles te doen wat van hem gevraagd wordt, moet een mens zichzelf overschatten.
Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832)
Alleen passies, grote passies, kunnen de ziel verheffen tot grootse zaken.
Denis Diderot (1713-1784)
We herkennen de dingen, maar we kennen ze niet
Gilles Deleuze (1925-1995), Proust et les signes (1964)
Als deze gedachten niemand bevallen kunnen ze niet anders dan slecht zijn.
Maar ik houd ze voor verachtelijk als ze iedereen bevallen.
Denis Diderot (1713-1784)
Wie een dwaas prijst,
berokkent hem grote schade.
Democritus (460 v. Chr. – 380/370 v. Chr.)
De gewoonte om goed begrepen principes actief te gebruiken, is het uiteindelijke bezit van wijsheid.
Alfred North Whitehead (1929)
Obstacles are those frightful things you see when you take your eyes off your goal.
Henry Ford (1863-1947)
Onwetendheid is de bron van alle kwaad.
Socrates
Licht wird alles, was ich fasse
Asche alles, was ich lasse
Flamme bin ich sicherlich
Friedrich Nietzsche _____________________________________________________________________________________________________________
‘Laat niemand die niet onderwezen is in de geometrie hier binnengaan.’
Motto van Plato’s academie
In diepste zin zijn geschillen een debat tussen twee gevangenen.
Jiddu Krishnamurti (1895 – 1986), spiritueel leraar uit India.
“Je kunt de waarheid eigenlijk niet direct in een zin of een woord uitspreken, je zegt het één, je zegt iets anders en de waarheid wordt gevonden aan de hand van het probleem dat daartussen ligt….”
Johan Wolfgang von Goethe (1749-1832) in ‘Goethes wereldbeschouwingen’, Zeist 1983
“Waag het maar om redelijk te zijn [sapere aude]; begin er maar mee; wie het moment steeds voor zich uit schuift waarop hij met het redelijke leven begint, lijkt op de gek die wacht tot de rivier leeggestroomd is; maar hij stroomt verder en zal tot in alle eeuwigheid verder stromen.”
Horatius, Epistolae, 2,40
“Niet de waarheid in het bezit waarvan iemand is of meent te zijn, maar de welgemeende inspanning die iemand ervoor over heeft om achter de waarheid te komen, maakt de waarde van de mens uit. Want niet door het bezit, maar door het zoeken naar de waarheid nemen zijn krachten toe, en alleen daarin bestaat zijn steeds groter wordende volmaaktheid.”
“Socrates zei dat we onszelf moeten kennen. Als we onwetend blijven, dan moeten we op z’n minst weten dat we onwetend zijn.”
Uit: ‘Getting our thoughts together’ van Matthew Lipman (filosoof)
“Als de roos zichzelf siert, siert zij ook de tuin”
Uit een gedicht van Friedrich Rückert ‘Welt und Ich’
“Alle werkelijke leven is ontmoeting”
Martin Buber (1878-1965), samenvatting van zijn boek ‘Ich und du’ uit 1923
“Wordt zelf de verandering die je in de wereld wilt zien”
Mohandas Karamchand, ‘Mahâtma’/'Grote Ziel’, Gandhi (1869 – 1948)
“Als je iets van je leven wilt maken, moet je het met volle overtuiging doen. Je kunt je leven zelf vormgeven. Dat is vrijheid: jezelf vormen”
Martin Heidegger (1889 – 1976) in een brief uit 1928
“Samenwerken is het overeenkomstige versterken!”
Ferd van Koolwijk, o.a. vrijwilligerswerker ten behoeve van straatkinderen in India
“Het vragen is de vroomheid van het denken.”
Martin Heidegger (1889 – 1976) in De techniek en de ommekeer
“Het oordeel is het graf van de verwondering.”
Fons Jansen (1925 – 1991) cabaretier
“There are two things we should give our children:
one is roots and the other is wings.”
Hodding Carter (journalist en winnaar van de Pulitzer Prize)
“Mensen zijn niet om over te praten, maar om mee te praten.”
B.J. Kouwer in Existentiële psychologie (1973)
“Onderwijs is niet een emmer vullen, maar een vuur ontsteken.”
William B. Yeats, schrijver en dichter (1865 – 1939)
“Ik ben altijd bereid om te leren maar ik houd er niet altijd van om onderwezen te worden.”
Sir Winston Churchill (1874 – 1965)
“Het geluk in je leven, is afhankelijk van de kwaliteit van je gedachten.”
Marcus Aurelius, filosoof & keizer (121 – 180 n. Chr.)
‘Alle kinderen zijn artiesten, het probleem is om artiest te blijven wanneer je volwassen bent.’
Pablo Picasso, kunstschilder & beeldhouwer (1881 – 1973)
“Ik denk dat onderwijs een fundamentele aanpak is voor sociale vooruitgang en hervorming.”
“De ongeletterden van de 21ste eeuw zijn niet diegenen die niet kunnen lezen en schrijven, maar zij die niet kunnen leren, afleren en herleren.”
Alvin Toffler, schrijver & futuroloog (1928 – heden)
“Natuurlijk kunnen computers de werkelijkheid niet begrijpen. Maar dat kan een kind of een filosoof ook niet.”
Marvin Minsky in: Why people think computers can’t (1982)
“Mensen zijn niet om over te praten, maar om mee te praten.”
B.J. Kouwer in Existentiële psychologie (1973)
“Het resultaat van het onderwijsproces moet de capaciteit zijn om verder te kunnen leren.”
John Dewey, filosoof, psycholoog & onderwijshervormer (1859 – 1952)
“Je kunt een mens niets leren. Je kunt hem slechts helpen het in hem zelf te vinden.”
Galileo Galilei, natuurkundige, astronoom & wiskundige (1564 – 1642)
“Ontwikkel een passie om te leren en je zult nooit ophouden te groeien.”
Anthony J. d’Angelo, schrijver
“Onderwerping aan filosofie betekent niets anders dan vrijheid.”
Lucius A. Seneca (filosoof & schrijver, 4 v. Chr. – 65 n. Chr.) in Epistulae Morales
“Gewetenloosheid is geen gebrek aan geweten, maar een neiging om zich niets van het oordeel ervan aan te trekken.”
Immanuel Kant (filosoof, 1724 – 1804) in Die Metaphysik der Sitten (1797)
“Sapere aude! (Durf te denken! Heb de moed je van je eigen verstand te bedienen!) = zinspreuk van de Verlichting.”
Immanuel Kant (filosoof, 1724 – 1804) in Wat is Verlichting? (1784)
“Wie voor een zaak niet genoeg sympathie kan opbrengen, zal hem ook niet zo gemakkelijk verstaan.”
Sigmund Freud in ‘Een moeilijkheid van de psychoanalyse’ (1917)
“De wijze is in staat de mensen om zich heen te laten zijn zoals ze zijn, met al hun goede, donkere, lieve en irritante kanten. De wijze oordeelt niet, maar probeert alleen maar te begrijpen waarom de ander zo is. Daarom is de wijze een zege voor de medemens. Vanwege dit begrip en dat geschenk voor de vrijheid.”
Uit: ‘Dagen van inzicht en verwondering’ (H. Stolp en H. Wagenmakers)
“De wijze heeft leren zien dat alles wat hem ergert in de ander, iets zegt over hemzelf en niets over de ander. De wijze gaat dan op zoek in zichzelf om daar te ontdekken waaruit die ergernis voortkomt. Daarna gaat hij aan het werk met wat hij diep verborgen in hemzelf aantreft. Tenslotte dankt hij de ander die hem ergerde voor dit geschenk.”
Uit: ‘Dagen van inzicht en verwondering’ (H. Stolp en H. Wagenmakers)
“Hij is een denker: dat betekent, hij heeft er verstand van de dingen eenvoudiger te nemen dan ze zijn.”
“Hij die niet gelooft, kan niet ervaren; wie niet ervaart, kan niet begrijpen.”
Anselmus van Canterbury (theoloog, 1033 – 1109) in Over de vleeswording van het woord
“Ken uzelf, weet dat ge geen god zijt maar een mens, geen onsterfelijke maar een sterveling.’ & ‘Niets te veel’.”
Inscripties op de muren van Delphi, heiligdom en ‘navel van de wereld’ genoemd, alwaar vanaf ±1600 v. Chr. tot ± 400 n. Chr. offers werden gebracht en het orakel werd geraadpleegd door talloze wijzen, koningen en burgers
‘Ik denk, dus ik ben.’
René Descartes (filosoof, 1596 – 1650) in Over de methode (1637)
“Van de macht die alle wezens aan zich bindt,
Bevrijdt de mens zich die zichzelf overwint.”
“De filosofen hebben de wereld slechts verschillend geïnterpreteerd,
het komt erop aan haar te veranderen.”
Karl Marx (1813 – 1883) in Thesen über Feuerbach (1845)
“Wat een opvoedkundig voorbeeld zijn kinderen en dieren voor ons!
We leven in de stroom van universele wederkerigheid.”
Martin Buber (1878 – 1965)
“Als je filosofeert, maak je het goed.”
Lucius Annaeus Seneca (Romeins filosoof, stoïcijn, 4 v.Chr. – 62 n.Chr.) in zijn brieven aan Lucilius
“Filosofie is filosoferen.”
Martin Heidegger (1889 – 1976) in Einleitung zur Philosophie
“Volmaakt geluk bestaat in beschouwelijke activiteit.”
Aristoteles (384 – 322 v.Chr.) in Ethica Nicomachea
“Het zijn niet de dingen die de mens ongelukkig maken, maar zijn voorstellingen bij die dingen.”
Epictetus (50 – 138 n.Chr.) in Het zakboekje
“Echtheid vergt de moed om kwetsbaar te zijn”
Godfried IJselberg in Persoonlijke ontwikkeling
“Als iets de juiste voeding krijgt, is er niets wat niet groeit;
als het de juiste voeding ontbeert, is er niets wat niet wegkwijnt.”
Mencius (371-289 v. Chr.), Chinees filosoof, leerling van Confucius
“De mens ervaart zichzelf, zijn gedachten en gevoelens als iets wat van de rest is afgescheiden,
een soort optisch bedrog van zijn bewustzijn.”
Albert Einstein (1879 -1955), theoretisch natuurkundige & uitvinder

