Filosoferen over kunst
Een van de bijzondere dingen van kunst is dat je soms geen idee hebt wat je ziet of hoort. Kunst valt niet altijd direct in onze schema’s van de werkelijkheid. Daarom moet je vaak nog een keer kijken. En nog eens. Of anders. Kunst prikkelt niet alleen kijkgewoontes, maar ook allerlei verwachtingen en je opvattingen over wat de moeite waard is. Soms moet je helemaal opnieuw bepalen hoe iets past in de rest van de werkelijkheid.
Filosoferen over kunst is interessant en soms ook grappig en verwarrend. In het onderwijs kan het daarnaast dienen als middel om de kunstbeleving van leerlingen te bevorderen. Docenten kunnen dat proces faciliteren als ze over de juiste vaardigheden beschikken. SLF kan met u of uw doelgroep filosoferen over kunst en verzorgt daarnaast trainingen aan docenten. Wat houdt dat in?
In het filosoferen over kunst onderscheidt SLF in ieder geval twee gespreksvormen. In beide gevallen zijn ervaring en reflectie nauw verbonden en in beide werkvormen staat de kunstbeleving centraal:
Het filosoferen over een kunstwerk is een gezamenlijk zelfonderzoek. Centraal in het gesprek over het kunstwerk staat de vraag: Wat doet dit kunstwerk? Het onderzoek van vragen als Wat roept het werk op? Wat maakt het los? Welke ervaringen verbind je ermee? Hoe beleef je het? verruimt de inzichten en ervaringen die het kunstwerk oproept. Door de vragen van de gespreksleider ontstaat een gesprek dat de deelnemers helpt in hun reflectieproces en inspireert in de beleving van het kunstwerk. Het gesprek gaat over het werk, maar evenzeer over de waarnemer. De gespreksleider en de deelnemers inspireren elkaar tot een socratische houding die wordt gekenmerkt door openheid, helderheid, duidelijkheid, vasthoudendheid, empathie en samenwerking. De kunstbeleving vindt plaats gedurende het onderzoek.
In een socratisch gesprek naar aanleiding van een kunstbeleving onderzoeken de deelnemers zichzelf en elkaar door gezamenlijk en systematisch na te denken over een vraag die zij zelf formuleren. Geschikte vragen met betrekking tot kunst kunnen inhoudelijk zeer uiteenlopen, zolang ze maar aan bepaalde criteria voldoen. Voorbeelden zijn: Wat is kunst? Kan kunst banaal zijn? Moet kunst iets? Bevrijdt kunst? Wanneer is een idee origineel? Net als in het filosoferen over een kunstwerk is de socratische houding ook in het socratische gesprek cruciaal. Er zijn twee grote verschillen tussen het socratische gesprek naar aanleiding van een kunstbeleving en het filosoferen over een kunstwerk: A) in het socratische gesprek ligt de vraag niet vast en B) het socratische gesprek vindt plaats na de voorbeeldervaring aan de hand waarvan de deelnemers hun vraag onderzoeken.
Beide werkvormen zijn effectieve middelen om de kunstbeleving te bevorderen. Welke werkvorm een docent kiest, kan afhangen van factoren als het vak of de kunstvorm in kwestie, de voorkeuren, behoeften en vaardigheden van de leerlingen, de inpassing in het curriculum, et cetera.
Welke vorm de docent ook kiest, hij of zij zal moeten beschikken over de vaardigheid het gesprek te leiden. In onze training leren de deelnemers hoe zij zelfstandig een socratisch gesprek leiden. Dat kwalificeert hen tevens als gespreksleider tijdens het filosoferen over een kunstwerk. Om u kennis te laten maken met beide werkvormen is het mogelijk een inspiratiemiddag te organiseren. Neem voor meer informatie over de training of over de inspiratiemiddag contact met ons op.
» Inspiratiemiddag ‘Filosoferen over kunst’
» Filosoferen over een kunstwerk: hoe pak je het aan?
» Stappen in het socratische gesprek naar aanleiding van een kunstbeleving
» Training socratisch gespreksleider ‘Filosoferen over kunst’
» Mogelijke thema’s voor socratische gesprekken naar aanleiding van een kunstbeleving

